Op deze blog omschrijf ik de visie van enkele filosofen en filosofische stromingen. Als eerste beschrijf ik de universele hermeneutiek waar onder andere Gadamer ons iets over kan vertellen. In dit gedachtengoed is het centrale idee dat de lezer niet enkel de context begrijpt van de tekst die hij leest maar tevens ook zijn eigen context en de verhouding daarvan tegenover de tekst die hij leest. Een moreel oordeel kan dus niet geveld worden zonder je eigen context, je eigen persoon en alles wat dat omvat mee af te toetsen aan dat oordeel. Wie je bent en je eigen zijn moet toegelegd worden op deze beslissing. Deze filosofie kan betrokken worden op de ethiek van het geweten of kan hier op zijn minst een toevoeging voor zijn. De vraag die zo oprijst is hoe de mens een gewetensvolle beslissing maakt, belangrijk hierbij blijkt je eigen rol in de verhouding en in hoeverre je die moet, kan of wil laten meespelen. Op deze manier ontstaan er vijf elementaire functies.
Als eerste kunnen we de doelloze redelijkheid bekijken; een wetmatigheid die ontstaat dankzij zijn context. Sommige zaken krijgen pas een doel wanneer er een context is waar dat doel in vormgegeven kan worden. Een kunstwerk dat ik hierop kan toepassen is een werk van Piet Mondriaan. Eén van Mondriaans drijfveren voor het maken van deze kunst was dat elke persoon een andere boodschap zal geven aan dit kunstwerk en dat iedereen er iets anders in ziet. Naargelang de context van de toeschouwer, wie hij of zij is en op welke manier hij op dat moment naar het kunstwerk kijkt zal hij er een andere betekenis aangeven. Die betekenis ontstaat door de context. Waar gekleurde vakken dus op het eerste zicht niets hoeven voor te stellen kan een doel gecreëerd worden aan de hand van de context. Dat ervaart eenieder ook in het leven en het is een belangrijk aspect om dat eigen leven ook een boodschap te geven. Het is van veel waarde als je je eigen leven een bepaald doel kan toeschrijven.
Een derde element is het voorkomen van een voortdurende herhaling en tevens een oneindige variatie. Heel dankbaar om toe te passen op het werk van Mondriaan. In zijn werken zien we een voortdurende herhaling van éénzelfde patroon, het creëren van lijnen, vakken en blokken. Desondanks zijn al zijn kunstwerken anders en is er dankzij deze voortdurende herhaling een oneindige variatie mogelijk. Intuïtief zijn deze twee altijd in strijd met elkaar maar de kunst leert ons dat zelfs het ondenkbare te versmelten is. We zien hier een overduidelijke wetmatigheid die toch varieert. Als vierde en vijfde element zijn ook de verandering van deelnemers en de verandering in gestalte belangrijk. Hierdoor ontstaat een betrokkenheid bijvoorbeeld in het spel. Deze betrokkenheid is moeilijker toe te passen op Mondriaan hoewel we kunnen stellen dat Mondriaan hierdoor een nieuwe kennis. Als conclusie kunnen we zeggen dat jouw eigen ervaring van het werk afhangt en vooral bepalend is voor de ervaring in het algemeen. Een objectieve ervaring bestaat dus niet.